home - bouwonderneming - producten - stalen dakpanelementen - metrobond stalen dakpanelementen - tech info

MetroBond stalen dakpanelementen

Technische informatie 

Paneeelbreedte: 1330 mm              Paneelbreedte (werkend): 1270 mm
Paneelhoogte: 415 mm Paneelhoogte (werkend): 368 mm
Nuttig oppervlak: 0,46 m2 Overlapping (lengte): 60 mm
Aantal elementen per m2: 2,15 Opkant: 28 mm
Gewicht per element: 3,1 kg  
Gewicht per m2: 6,7 kg Garantie: 30 jaar op waterdichtheid
Dikte basisplaat: 0,45 mm  

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kleurvariëteiten
Kunt u toch niet kiezen of heeft uw architect een speciale (afwijkende) kleur in gedachten? Ook dat kan.

 

Zo hebben wij projecten geleverd in antiekrood, indigoblauw, mosgroen en zelfs een echt koperen dakpanelement! Een variant die door liefhebbers, die op zoek zijn naar een exclusieve uitstraling als een welkome aanvulling zal worden gezien.

Montage-details

Algemeen
MetroBond dakpanelementen dienen te worden gemonteerd op houten panlatten met een h.o.h.-afstand van 368 mm. De panlatten worden aangebracht op tengels (minimale hoogte 20 mm) waardoor een natuurlijke ventilatie ontstaat tussen dakvoet en nok. Om condensatie te voorkomen dient een waterdichte, dampdoorlatende folie geventileerd onder de dakelementen te worden geplaatst. De elementen worden doorgaans van boven naar beneden gemonteerd en in de breedte-overlap (neus) op 4 plaatsen gefixeerd. MetroBond dakelementen worden ingekort en op maat gemaakt d.m.v. een plaatschaar of ander langzaamdraaiend gereedschap (max. 4200 omw./min.) of volgens de aanwijzigingen van de fabrikant. Doordat de stalen basisplaat is voorzien van een legering van zink en aluminium dichten de snijkanten, door een uniek chemisch proces, zichzelf af.

De beste aansluiting in de nok wordt verkregen door de overstek in te korten zodat de afstand tussen de nokbalk (bovenkant) en de bovenste panlat (onderkant) zo groot mogelijk is (max. 335 mm).

Montage

MetroBond dakelementen kunnen worden toegepast bij dakhelligen vanaf 12 graden en worden in halfsteensverband (verspringend) gemonteerd. Als eerste wordt de 2e rij gemonteerd en vastgezet met een 4-tal draadnagels in de bovenste panlat (ca. 25 mm van de rand). De nagels moeten zoveel mogelijk de hellingshoek van het dak volgen waarbij het tevens van belang is dat de elementen strak op de panlatten liggen en stevig worden aangedrukt. De volgende rij platen wordt onder de bovenliggende rij geschoven en eveneens vastgeschoten.
 

 

Montage-details


Kort de platen waar nodig in en buig de kanten omhoog (ca. 50 mm). De gevelpan of windveer wordt over het opgebogen gedeelte geplaatst.



Dakgoten moeten voor plaatsing van de dakelementen worden gemonteerd. Indien noodzakelijk wordt voor een nauwkeurige afwerking gebruik gemaakt van een hellingvoetstuk welke voor een passende afwerking zorgt tussen de laatste (onderste) panlat en de goot.



De nok kan worden uitgevoerd d.m.v. een ronde nok (1- en 3 modules) of V-nok.



Het plaatsen van een (kil)goot kan worden uitgevoerd d.m.v. standaard kilgoten welke op kleur worden geleverd. Hierbij dienen de uiteinden van de vleugels extra te worden ondersteund en vastgezet m.b.v. een draadnagel.



Bij dakrenovaties dient vooral te worden gelet op de kwaliteit van de bestaande dakbedekking en dakconstructie en waar noodzakelijk te worden gerepareerd. Zo kan het nodig zijn het bestaande dak uit te vullen of geheel te voorzien van nieuwe panlatten. Uiteraard hoeft in veel gevallen de bestaande dakbedekking niet te worden verwijderd.



Ook bij de montage van MetroBond stalen dakpanelementen moeten de algemene ventilatieprincipes te worden aangehouden. Ventilatie van dakvoet tot dakvoet is afhankelijk van wind. Op koude, windstille dagen bestaat dan ook kans op condensvorming omdat de slechts enkel het onderste gedeelte van het dak wordt geventileerd. De meeste optimale ventilatie wordt bereikt indien zonder obstakels van dakvoet naar nok wordt geventileerd (o.a. met behulp van 2-pans ventilatie-elementen). Bij daklichten of dakkapellen moeten tevens verluchtingselementen worden aangebracht om een goede dakventilatie te verkrijgen.



Ter finale afwerking van schoorstenen wordt gebruik gemaakt van speciale wand- en muurprofielen waarbij de dakelementen extra ondersteunt dienen te worden m.b.v. een uitvullat. 


 


<< Terug